SWOV Catalogus

345165

Hinderlijke ‘ontmoetingen’ allesbepalend voor succes fietsstraten.
20200034 ST [electronic version only]
Boggelen, O. van
Fietsverkeer, No. 42 (mei 2018), p. 18-25

Samenvatting Eind 2016 publiceerde CROW-Fietsberaad een discussienotitie met concept-aanbevelingen voor fietsstraten binnen de bebouwde kom. Belangrijkste onbeantwoorde vraag in die notitie was: bij welke auto- en fietsintensiteiten kan men een fietsstraat toepassen. Uit een eerste inventarisatie was al wel gebleken dat tot circa 2.500 motorvoertuigen per etmaal de ervaringen positief zijn, maar daarboven zijn meer kritische geluiden te horen. Daarnaast wordt in een Fietsberaadpublicatie uit 2005 gesteld dat er twee keer zoveel fietsers als automobilisten gebruik moeten maken van de straat. Om goed onderbouwde aanbevelingen te kunnen opstellen heeft CROW-Fietsberaad samen met gemeenten en Rijkswaterstaat door DTV Consultants uitgebreid onderzoek laten verrichten op elf locaties: vier fietsstraten met één rijloper, vier fietsstraten met twee rijlopers die gescheiden worden door een middenstrook, drie straten met fietsstroken. Op verschillende manieren is informatie verzameld: enquêtes onder fietsers, video-observaties, tellingen en inventarisaties van de wegkenmerken, zoals rijbaanbreedte. Helaas pasten snelheidsmetingen niet in het budget. In de analyses is eerst gekeken naar het rapportcijfer uit de enquête. Wanneer geven fietsers een hoger of juist een lager cijfer? Dé bepalende factor blijkt het aantal keer dat een fietser te maken krijgt met gevaarlijke of hinderlijke 'ontmoetingen' met het autoverkeer. Voldoende reden om hier in te zoomen op deze ontmoetingen. (Author/publisher)
Full-text
Dossier
Suggestie? Neem contact op met de SWOV bibliotheek voor uw opmerkingen
Copyright © SWOV | Juridisch voorbehoud | Contact