SWOV Catalogus

325415

Staten-Generaal van de Verkeersveiligheid 2007 : dossier kwetsbare weggebruikers.
20070699 ST [electronic version only]
Federale Commissie voor de Verkeersveiligheid (FCVV), Werkgroep “Kwetsbare weggebruikers”
Brussel, Federale Commissie voor de Verkeersveiligheid (FCVV), 2007, 22 p., 26 ref.

Samenvatting Om actief aan het maatschappelijk leven deel te nemen moeten alle bevolkingsgroepen zich zonder al te veel risico kunnen verplaatsen, ongeacht hun verplaatsingsmodus. Dit betekent dat ook de zgn. “zwakke weggebruikers”1, zoals voetgangers, fietsers, bromfietsers, personen met beperkte mobiliteit, maar ook die andere categorie “kwetsbare weggebruikers”, de motorrijders, op veilige wijze aan het verkeer moeten kunnen deelnemen. Toch blijkt uit de officiële verkeersstatistieken voor België2 dat alle categorieën samen van bovengemelde ”kwetsbare weggebruikers” +- 40% van het aantal verkeersdoden en ernstig gekwetsten uitmaken. Dit is een zeer hoog percentage in vergelijking met andere landen3en de oorzaken daarvan zijn niet duidelijk. Daarnaast vallen er elk jaar in België ook nog een onbekend aantal lichtgewonden in het verkeer onder deze categorie weggebruikers die gekenmerkt worden door het feit dat zij, in tegenstelling tot automobilisten, niet beschermd worden door de speciaal uitgeruste cocon van hun voertuig. Bovendien blijkt uit de internationale wetenschappelijke literatuur en epidemiologische studies op basis van de opnamecijfers van spoedgevallendiensten van ziekenhuizen in ons land dat de officiële verkeersstatistieken een verontrustende mate van onderregistratie van ongevallen met “zwakke weggebruikers” vertonen. Het probleem is niet beperkt tot België, maar uit recent onderzoek blijkt het probleem van de onderregistratie van ongevallen, vooral met zwakke weggebruikers, veel groter dan gedacht. Sinds de Staten-Generaal van de Verkeersveiligheid van 2001-2002 heeft ons land op vandaag het aantal verkeersdoden met +- een derde kunnen terugdringen. Toch lijkt het aantal gekwetsten niet in gelijke mate te zijn gedaald en door de onvolledigheid van de cijfergegevens m.b.t. vooral de zwakke weggebruikers is het niet duidelijk in welke mate hun verkeersveiligheid is verbeterd. Voor die categorie “kwetsbare weggebruikers” waarvoor wèl meer sluitende ongevallenstatistieken bestaan, nl. de motorrijders, blijken de cijfers verontrustend. De onderregistratie in de officiële verkeersstatistieken betekent dat niemand zicht heeft op de werkelijke maatschappelijke implicaties van de verkeersongevallen. Dit heeft scheeftrekkingen in de visie van de wetgevende en handhavende overheid voor gevolg, maar geeft ook een vertekend beeld van deze problematiek aan de bevolking, de media, de verzekeringsmaatschappijen, de verenigingen van weggebruikers en andere stakeholders. Bovendien mag verwacht worden dat het probleem groter zal worden naarmate het aantal « kwetsbare weggebruikers » in het verkeer - onder invloed van een reeks maatschappelijke fenomenen – verder zal toenemen. Onder druk van de mobiliteitsproblemen was er de jongste jaren een aanzienlijke aangroei van het aantal gemotoriseerde tweewielers, terwijl ook het aantal voetgangers en fietsers toeneemt tengevolge van sensibiliseringscampagnes voor een meer duurzame mobiliteit4, maar ook ten gevolge van de vergrijzing en de groeiende recreatiemogelijkheden van de bevolking. Verwacht wordt dat het aandeel van de weggebruikers waarover deze Werkgroep FCVV zich buigt zal toenemen in alle leeftijdscategoriën. Al deze bevindingen vragen om een bijsturing van het beleid wil België de sinds de Staten-Generaal van de Verkeersveiligheid van 2001-2002 ingezette verbetering van de verkeersveiligheid voortzetten en de doelstelling halen - waartoe het zich tegenover de Europese Commissie heeft verbonden - het aantal verkeersdoden tegen 2010 te halveren. Het is dan ook belangrijk tijdig adequate maatregelen te nemen om hun verkeersveiligheid beter te waarborgen; deze maatregelen gaan van infrastructurele ingrepen, aanpassing van de reglementering, handhaving, sensibilisering en vorming, enz. tot een dringende inspanning van België inzake accidentologie. Good governance vereist bovendien dat voor deze maatregelen voldoende mensen en middelen worden vrijgemaakt, dat er overleg is met de betrokkenen en dat het beleid geregeld wordt geëvalueerd met het oog op bijsturing. De WG stelt zich tot doel bijzondere aandacht te vragen voor de noden van de “kwetsbare weggebruikers” in de diverse betrokken beleidsdomeinen. Omwille van de specificiteit van de problematiek van de motorrijders, bevat onderhavig verslag wel een aantal bevindingen, maar geen aanbevelingen m.b.t.deze categorie weggebruikers; de WG wijst op de noodzaak van een specifieke WG ter zake. De WG verwijst parallel naar de conclusies van diverse andere WG van de FCVV “Statistieken en indicatoren”, “Infrastructuur”, “Overdreven en onaangepaste snelheid” en de WG die zich bezig houden met bestuurders onder invloed van alcohol, geneesmidddelen en drugs, evenals de WG “Zwaar vervoer”. “Kwetsbare weggebruikers” zijn immers veelal niet alleen in het verkeer op de openbare weg. (Author/publisher)
Full-text
Dossier
Suggestie? Neem contact op met de SWOV bibliotheek voor uw opmerkingen
Copyright © SWOV | Juridisch voorbehoud | Contact