SWOV Catalogus

113848

30 km/uur gebieden. [Voorheen: Zone 30 : verblijfsgebieden in de bebouwde kom.]
C 35201 [electronic version only] /73 / ITRD E208685

Den Haag, SWOV - Instituut voor Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid, 2018, Pp., 25 ref.; SWOV-Factsheet

Samenvatting Een 30km/uur-gebied wordt ook wel een ‘zone 30’ of ‘verblijfsgebied’ genoemd. Het gebied ligt meestal binnen de bebouwde kom en bestaat uit aaneengesloten erftoegangswegen met een snelheidslimiet van 30 km/uur. De gebieden hebben een verblijfsfunctie waar langzaam en gemotoriseerd verkeer mengen. Om die reden moet de snelheid laag zijn (maximaal 30 km/uur). Door bijvoorbeeld infrastructurele maatregelen op zowel wegvakken als op kruispunten (denk aan drempels, plateaus en wegversmallingen), is een dergelijke lage snelheid te realiseren. In de praktijk zijn veel gebieden sober ingericht, soms alleen met een ‘Zone 30’-bord, soms met alleen snelheidsremmende maatregelen op 'gevaarlijke' locaties, bijvoorbeeld op kruispunten. Een goed ingericht 30km/uur-gebied heeft, in vergelijking met 50km/uur-wegen, een positief effect op de verkeersveiligheid. Bij een maximum snelheid van 30 km/uur is de kans op een dodelijk ongeval erg klein. Toch vallen er in deze gebieden nog relatief veel slachtoffers, ongeveer 6% van het totaal aantal verkeersdoden. Hierbij gaat het vooral om fietsers en ouderen. Dit komt vermoedelijk omdat het gemotoriseerde verkeer er vaak (veel) sneller rijdt dan de limiet. Maatregelen om 30km/uur-gebieden en -wegen veiliger te krijgen, zullen zich daarom vooral moeten richten op het terugdringen van de rijsnelheid, bijvoorbeeld door de gebieden goed en dus minder ‘sober’ in te richten, de 30-limiet geloofwaardiger te maken en, waar dan nog nodig, door de inzet van verkeerstoezicht.
Full-text
Dossier
Suggestie? Neem contact op met de SWOV bibliotheek voor uw opmerkingen
Copyright © SWOV | Juridisch voorbehoud | Contact